PestiGon Spot-On Kat 4 pipetten

  • PestiGon Spot-On Kat 4 pipetten

Prijzen, maten en gewichten

Gewicht:  Inhoud: 4 pipetten 0.5ml

Prijs:
Op voorraad

Aantal:  

Pestigon Spot on doodt volwassen vlooien, teken en bijtende zandluizen. Pestigon Spot on verspreidt zich binnen 24 tot 48 uur over de huid van het dier en beschermt 5 weken tegen een herbesmetting van vlooien en tot 4 weken tegen teken.
Pestigon Spot on is een makkelijk toe te dienen vloeistof in pipet die helemaal leeggeknepen wordt tussen de schouderbladen van de kat. Niet inmasseren.

Als uw kat vlooien heeft zijn er waarschijnlijk vlooien in verschillende stadia in uw huis aanwezig. Om herbesmetting te voorkomen adviseren onze dierenartsen ook de omgeving te behandelen met een omgevingsspray. Vlooien zijn dragers van de lintworm. Als uw kat vlooien heeft is het daarom ook raadzaam de kat tegelijkertijd te ontwormen.

Samenstelling
Een 0,5 ml-pipet bevat: Werkzaam bestanddeel: Fipronil 50 mg
Hulpstoffen Butylhydroxyanisol (E320) .............................................0,1 mg Butylhydroxytolueen (E321) ............................................0,05 mg

Farmaceutische vorm
Spot-on oplossing. Een heldere, kleurloze tot lichtgele oplossing.

Doeldiersoort
Kat.

Indicaties
Voor de behandeling van vlooieninfestaties (Ctenocephalides felis). Het product heeft onmiddellijk een insecticide werking en langdurige insecticide werkzaamheid tegen nieuwe infestaties  met volwassen vlooien gedurende maximaal 5 weken.

Contra-indicaties

  • Vanwege afwezigheid van beschikbare gegevens, het product niet toedienen aan kittens jonger dan 8 weken en/of met een gewicht van minder dan 1 kg.
  • Niet gebruiken bij zieke (systemische ziekten, koorts, ...) of herstellende dieren.
  • Niet gebruiken bij konijnen, aangezien bijwerkingen en zelfs sterfte kunnen voorkomen.
  • Niet gebruiken in geval van overgevoeligheid voor het werkzame bestanddeel of voor een van de hulpstoffen.


Speciale waarschuwingen voor elke diersoort waarvoor het diergeneesmiddel bestemd is

  • Voor optimale behandeling van vlooien in huishoudens met meerdere dieren, dienen alle honden en katten met een passend insecticide te worden behandeld.
  • Vermijd frequent zwemmen of wassen van het dier omdat het behoud van de werkzaamheid van het product in deze gevallen niet is onderzocht.
  • Vlooien van huisdieren infesteren vaak de mand van het dier, dekens en de gewoonlijke rustplaatsen zoals tapijten en meubilair. Bij grote infestaties en bij aanvang van de behandeling moeten deze ook behandeld worden met een passend insecticide en door regelmatig te stofzuigen.


Speciale voorzorgsmaatregelen bij gebruik
Speciale voorzorgsmaatregelen voor gebruik bij dieren

  • Vermijd contact met de ogen van het dier. In het geval van accidenteel oogcontact, ogen onmiddellijk en grondig met water spoelen.
  • Uitsluitend voor uitwendig gebruik.
  • Dieren moeten voorafgaand aan de behandeling zorgvuldig worden gewogen.
  • Het is belangrijk dat het product op een plaats wordt toegediend waar het dier het niet kan oplikken en dat dieren elkaar niet likken na de behandeling.
  • Dit product niet toepassen op wonden of beschadigde huid.

Speciale voorzorgsmaatregelen, te nemen door degene die het geneesmiddel aan de dieren toedient

  • Dit product kan irritatie aan de slijmvliezen en ogen veroorzaken. Daarom moet contact van het product met de mond en ogen worden vermeden.
  • In het geval van accidenteel oogcontact, de ogen onmiddellijk grondig met zuiver water spoelen. Indien de oogirritatie aanhoudt, dient een arts te worden geraadpleegd en de bijsluiter of het etiket te worden getoond.
  • Vermijd dat de inhoud in aanraking komt met de vingers. Als dit gebeurt, handen met water en zeep wassen.
  • Handen wassen na gebruik.
  • Niet roken, drinken of eten tijdens het aanbrengen.
  • Personen met een bekende overgevoeligheid voor fipronil of hulpstoffen (zie rubriek 6.1) moeten contact met het diergeneesmiddel vermijden.
  • Behandelde dieren mogen niet aangeraakt worden tot de toedieningsplaats droog is. Kinderen mogen niet met de behandelde dieren spelen voordat de toedieningsplaats droog is. Het is aanbevolen om dieren niet overdag te behandelen, maar in de vroege avond en om recent behandelde dieren niet bij de eigenaren en zeker niet bij kinderen te laten slapen.


Andere voorzorgsmaatregelen
De alcohol in dit product kan negatieve effecten hebben op geverfde, geverniste of andere oppervlakken of meubels in huis.
Dit product is ontvlambaar. Houd het weg van hitte, vonken, open vuur of andere bronnen van ontsteking.

Bijwerkingen
Indien het product opgelikt wordt, kan een korte periode van overmatig speekselen volgen, hoofdzakelijk te wijten aan de aard van de dragerstof.
Als zeer zeldzame, vermoedelijke bijwerkingen werden voorbijgaande huidreacties op de toedieningsplaats (schilfering, plaatselijke alopecia, pruritus, erytheem) en algemene jeuk of alopecia gemeld na gebruik. In zeldzame gevallen werd overmatig speekselen, tijdelijke neurologische symptomen (overgevoeligheid, depressie, nerveuze symptomen) of braken  na gebruik waargenomen. Niet overdoseren.

Gebruik tijdens dracht en lactatie
Uit laboratoriumstudies met fipronil zijn geen gegevens naar voren gekomen die wijzen op teratogene of foetotoxische effecten.
Er zijn geen studies uitgevoerd bij drachtige of lacterende katten voor dit diergeneesmiddel. Tijdens dracht en lactatie uitsluitend gebruiken overeenkomstig de baten/risicobeoordeling door de behandelend dierenarts.

Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie
Geen bekend.

Dosering
Uitsluitend voor uitwendig gebruik.

Toedieningsweg: voor lokale toepassing op de huid.
Dosering: 1 pipet van 0,5 ml per kat (ongeveer 7,5 - 15 mg / kg).


Overdosering (symptomen, procedures in noodgevallen, antidota), indien noodzakelijk
De toxiciteit van het product, dat op de huid wordt toegediend, is zeer laag. Het risico op bijwerkingen kan bij overdosering toenemen, dus dieren moeten altijd met de juiste pipetgrootte voor het lichaamsgewicht worden behandeld.

Wachttermijn
Niet van toepassing.

Farmacologie
Farmacotherapeutische groep: Ectoparasiticiden voor uitwendig gebruik. ATCvet-code: QP53AX15

Fipronil is een insecticide / acaricide uit de groep van fenylpyrazolen. Het werkt door het remmen van het GABA-complex, binding aan het chloridekanaal en daarmee blokkeert het pre- en post-synaptische overdracht van chloride-ionen door het celmembraan. Dit resulteert in ongecontroleerde activiteit in het centrale zenuwstelsel en de dood van insecten en acariden.
Fipronil heeft een insecticide werking tegen vlooien (Ctenocephalides felis) bij katten.

Nieuwe vlooien worden binnen 24 uur nadat ze op het dier belanden gedood.
Het product werkt ongeveer 5 weken tegen vlooieninfestaties, afhankelijk van de hoeveelheid vlooien.

Fipronil wordt voornamelijk gemetaboliseerd tot het sulfon-derivaat (RM1602), dat ook beschikt over insecticide en acaricide eigenschappen.
Na lokale toepassing van fipronil bij katten is de systemische absorptie verwaarloosbaar.
De fipronilconcentratie op de vacht vermindert met de tijd.

Lijst van hulpstoffen
Butylhydroxyanisol (E320) Butylhydroxytolueen (E321) Povidone K12 Polysorbaat 80 Butyl alcohol Diethyleenglycolmonoethylether
Onverenigbaarheden
Geen bekend.
Houdbaarheidstermijn
Houdbaarheid van het diergeneesmiddel in de verkoopverpakking: 2 jaar.
Speciale voorzorgsmaatregelen bij bewaren
Geen speciale voorzorgen voor wat betreft de temperatuur bij bewaring van dit diergeneesmiddel. Bewaren in de originele verpakking ter bescherming tegen licht en vocht.

Verpakking: 4 pipetten kat.

Toepassing

Dosering: 1 pipet van 0,5 ml per kat (ongeveer 7,5 - 15 mg / kg).

Wijze van toediening: Houd rechtop. Tik op het smalle gedeelte van de pipet om ervoor te zorgen dat de inhoud onderin de pipet zit. Duw het topje van de Spot-On pipet langs de stippellijn naar achteren.
Duw de vacht tussen de schouderbladen opzij totdat de huid zichtbaar is. Plaats het topje van de pipet op de huid en knijp zachtjes om de inhoud op de huid aan te brengen, bij voorkeur op twee plaatsen, één aan de basis van de schedel en één 2-3 cm verder naar achter.

Gebruik een schaar om het zakje te verwijderen of:
1. Vouw langs de diagonale lijn zodat inkeping zichtbaar is. 2. Scheur bij inkeping in. 3. Draai bovenkant om te openen. 4. Duw haren weg en breng op de huid aan.
Het is belangrijk dat het product op een plaats wordt toegediend waar het dier het niet kan oplikken. Zorg ervoor dat dieren elkaar na de behandeling niet likken.
Zorg ervoor dat de haren niet overmatig nat worden met het product, aangezien er dan een kleverige plek van haren op de toedieningsplaats kan ontstaan. Mocht dit toch gebeuren, dan zal dit binnen 24 uur na toediening verdwijnen.
Voor een optimale behandeling van vlooieninfestaties kan het behandelingsschema aangepast worden aan de plaatselijke epidemiologische omstandigheden.
In afwezigheid van veiligheidsstudies is de minimale behandelingsinterval 4 weken.

Nieuwsbrief
 

Klantenservice

Mijn account